HOME  |  Bestuur en Organisatie  |  Verordeningen en regelingen  |  Verordening dode gezelschapsdieren gemeente Nunspeet 2015

Verordening dode gezelschapsdieren gemeente Nunspeet 2015

Gegevens van de regeling

Gegevens van de regeling
OverheidsorganisatieGemeente Nunspeet
Officiële naam regelingVerordening dode gezelschapsdieren gemeente Nunspeet 2015
CiteertitelVerordening dode gezelschapsdieren
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpmaatschappelijke zorg en welzijn
Eigen onderwerpDestructieverordening

Opmerkingen m.b.t. de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Wet Dieren artikel 3.5

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen
Datum inwerkingtredingTerugwerkende kracht t/mBetreftDatum ondertekening, Bron bekendmakingKenmerk voorstel
17-06-2015 n.v.t. nieuwe regeling 28-05-2015 gemeenteblad 16-06-2015 R.0003861

Tekst van de regeling

De raad der gemeente Nunspeet;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 20 mei 2015;

gelet op het bepaalde in artikel 3.5 van de Wet Dieren;

B E S L U I T :

de Verordening dode gezelschapsdieren gemeente Nunspeet 2015 vast te stellen.

Verordening dode gezelschapsdieren

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  1. a.

    de wet: Wet Dieren;

  2. b.

    houder: eigenaar of houder van een dood gezelschapsdier;

  3. c.

    destructiemateriaal: krachtens artikel 81h, eerste lid, onder a van de wet aangewezen dode gezelschapsdieren;

  4. d.

    gezelschapsdieren: dieren die de mens in of rond het huis houdt en verzorgt om zichzelf te plezieren, waaronder honden, katten, knaagdieren, kooi- en volièredieren, duiven en vissen. Konijnen, kippen, kalkoenen, kwartels, parelhoenders, eenden, ganzen en fazanten behoren tot de categorie gezelschapsdieren indien er geen commerciële opbrengst aan verbonden is zoals de productie van vlees, wol, pels, eieren, pluimen of huiden. Landbouwhuisdieren, zoals runderen, schapen, paarden, (dwerg)geiten, varkens, hangbuikzwijnen en herten worden niet gerekend tot de categorie gezelschapsdieren;

  5. e.

    ondernemer: eigenaar of exploitant van een door onze minister erkend categorie 1-verwerkingsbedrijf of een categorie 2-verwerkingsbedrijf als bedoeld in artikel 3.5 van de wet.

Artikel 2. Verzamelplaats

Burgemeester en wethouders wijzen één of meer verzamelplaatsen aan, waar dode gezelschapsdieren worden afgegeven.

Artikel 3. Bewaren en afgifte van dode gezelschapsdieren

  1. 1.

    De houder is verplicht dode gezelschapsdieren uiterlijk op de eerste werkdag, die volgt op de dag waarop zij dood zijn aangetroffen, af te geven op een aangewezen verzamelplaats, of aan de ondernemer.

  2. 2.

    Tot het tijdstip van afgifte moet de houder de dode gezelschapsdieren zodanig bewaren dat vermenging met ander materiaal wordt voorkomen.

Artikel 4. Begraven of cremeren

In afwijking van artikel 3 kan de houder dode gezelschapsdieren afgeven aan een dierenbegraafplaats of –crematorium of begraven op een hem ter beschikking staand terrein.

Artikel 5. Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van bekendmaking.

Artikel 6. Oude regeling

De Destructieverordening gemeente Nunspeet 1995 wordt ingetrokken met ingang van de dag na die van de bekendmaking.

Artikel 7. Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening dode gezelschapsdieren gemeente Nunspeet 2015.

Sluiting

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 28 mei 2015

De griffier, De voorzitter,

Toelichting Toelichting op de verordening dode gezelschapsdieren gemeente Nunspeet 2015

Algemeen

Op grond van artikel 3.5 van de Wet Dieren worden bij gemeentelijke verordening ten aanzien van dode gezelschapsdieren regels gesteld over het aangeven, bewaren, ophalen en overdragen hiervan. Kadavers van gezelschapsdieren worden overgedragen aan een destructiebedrijf of zij worden begraven in eigen tuin of daarvoor aangewezen dierenbegraafplaats of gecremeerd in een dierencrematorium. Dode dieren, waarvan geen houder bekend is, die langs de openbare weg worden aangetroffen, worden meestal opgeruimd door de gemeente.

Artikelsgewijze toelichtingArtikel 1 Begripsomschrijvingen

In artikel 1 worden de relevante begrippen omschreven. Niet alle soorten gezelschapsdieren vallen onder de verordening. Op de hier uitgezonderde dieren zijn andere regels van toepassing.

Artikel 2 Verzamelplaatsen

Burgemeester en wethouders wijzen verzamelplaatsen aan waar kadavers kunnen worden afgegeven. Normaliter worden dierenartsen aangewezen als verzamelplaatsen. Het gaat dan om gevallen, waarbij de houder het gezelschapsdier, door tussenkomst van de dierenarts, heeft laten inslapen. De dierenarts draagt zorg voor afgifte van het kadaver aan de ondernemer. Verder kan de Stichting Dierenambulance worden aangewezen. Zij wordt doorgaans ingeschakeld door de houder van het gezelschapsdier dat is overleden, anders dan door tussenkomst van een dierenarts. Ook haalt zij langs de openbare weg aangetroffen kadavers op.

Artikel 3 Afgifte en bewaren van dode gezelschapsdieren

Dit artikel geeft aan hoe het kadaver moet worden bewaard en afgegeven aan een verzamelplaats. Om redenen van hygiëne en gezondheid is het zaak om het kadaver zo spoedig mogelijk af te geven aan een verzamelplaats. Om vermenging te voorkomen is het niet toegestaan om andere materialen, zoals halsbanden, kleden en touw bij het kadaver te bewaren.

Artikel 4 Begraven of cremeren

Omdat kadavers van dode gezelschapsdieren onder bepaalde voorwaarden ook in eigen tuin of dierenbegraafplaats mogen worden begraven of mogen worden gecremeerd door een daarvoor aangewezen dierencrematorium, zijn de bepalingen van deze verordening niet van toepassing als de houder van het gezelschapsdier voor deze mogelijkheden kiest.