HOME  |  Bestuur en Organisatie  |  Verordeningen en regelingen  |  Verordening tot wijziging van de Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet

Verordening tot wijziging van de Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet

Gegevens van de regeling

Gegevens van de regeling
OverheidsorganisatieGemeente Nunspeet
Officiële naam regelingVerordening tot wijziging van de Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet
CiteertitelVerordening tot wijziging van de Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpalgemeen

Opmerkingen m.b.t. de regeling

Geen.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Wet op de lijkbezorging, art. 35, lid 2

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen
Datum inwerkingtredingTerugwerkende kracht t/mBetreftDatum ondertekening, Bron bekendmakingKenmerk voorstel
22-06-2016 n.v.t. Wijziging artikel 16, toevoeging artikel 16a, wijziging artikel 21 (toevoeging lid 5) 31-03-2016 Nunspeet Huis-aan-Huis, 14-06-2016 03022597
01-07-2002 n.v.t. Wijziging artikel 16 30-05-2002 Onbekend Onbekend

Tekst van de regeling

De raad van de gemeente Nunspeet;gelezen de voordracht van het college van burgemeester en wethouders;overwegende dat het gewenst is om regels vast te stellen voor het gebruik en beheer van de gemeentelijke begraafplaats(en); gelet op artikel 35, tweede lid, van de Wet op de lijkbezorging en artikel 149 van de Gemeente-wet;

b e s l u i t :vast te stellen de volgende Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen.

Hoofdstuk 1. INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:− begraafplaatsen:de begraafplaats gelegen aan de Van Oordtstraat 110, genaamd Nunspeet-West;de begraafplaats gelegen aan de Eperweg 22 te Nunspeet;de begraafplaats gelegen aan de Eperweg 51 te Nunspeet;de begraafplaats gelegen aan de Uddelerweg 72 te Elspeet;− eigen graf:een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uit-sluitendrecht is verleend tot:- het doen begraven en begraven houden van lijken;- het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;− algemeen graf:een graf bij de gemeente in beheer waarin aan eenieder gelegenheid wordt geboden tot hetdoen begraven van lijken;− eigen urnengraf:een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uit-sluitendrecht is verleend tot:- het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;− eigen urnennis:een nis waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot hetdoen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;− urn:een voorwerp ter berging van één of meer asbussen;− asbus:een bus ter berging van as van een overledene;− verstrooiingsplaats:een plaats waarop as wordt verstrooid;− grafbedekking:gedenkteken en/of grafbeplanting op een graf, of een gedenkteken op een gedenkplaats;− gedenkplaats:een plaats ingericht om overledenen te gedenken;− beheerder:de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats(en) of degene die hem vervangt;− rechthebbende:de rechthebbende op een eigen graf.

Artikel 2. Uitbreiding begrip eigen graf

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voorzover van belang, onder 'eigen graf' mede verstaan: eigen urnengraf, eigen urnennis.

Artikel 3. Bestemming

  1. 1

    1. De begraafplaatsen zijn bestemd voor:a. het begraven van lijken van personen, die in de gemeente Nunspeet, laatstelijk hun woonplaats hadden;b. het bijzetten van bussen, waarin de as van gecremeerde personen als bedoeld onder a is geborgen;c. het op de verstrooiingsplaats verstrooien van as van gecremeerde personen als bedoeld onder a.

  2. 2

    Het college van burgemeester en wethouders kan besluiten, dat lijken van andere dan in het eerste lid bedoelde personen op de begraafplaatsen worden begraven, dat de urnen met bussen, waarin de as van zodanige personen is geborgen, op de begraafplaatsen in eigen graven worden bijgezet en dat de as van zodanige personen op de verstrooiingsplaats wordt verstrooid.

Hoofdstuk 2. OPENSTELLING, ORDE EN RUST OP DE BEGRAAFPLAATS

Artikel 4. Openstelling begraafplaatsen

  1. 1

    De begraafplaatsen zijn voor eenieder dagelijks toegankelijk gedurende de door het college van burgemeester en wethouders bij nadere regels vast te stellen tijden. Zij maken deze tijden openbaar bekend.

  2. 2

    Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaatsen kunnen de toegangen tijdelijk worden gesloten.

Artikel 5. Ordemaatregelen

  1. 1

    Het is aan steenhouwers, hoveniers en daarmee gelijk te stellen personen verboden, anders dan met toestemming van het college van burgemeester en wethouders werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de begraafplaatsen te verrichten.

  2. 2

    De uitvoering van de in het eerste lid bedoelde werkzaamheden dient uiterlijk drie werkdagen tevoren schriftelijk bij de beheerder te worden gemeld.

  3. 3

    Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaatsen te rijden:a. elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen anders dan voor een begrafenis of voor het vervoeren van materialen;b. sneller dan 10 km per uur.

  4. 4

    Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in de aanhef en onder a van lid 3.

  5. 5

    Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaatsen hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder.

  6. 6

    Degenen die zich niet aan de in het vijfde lid bedoelde aanwijzing houden, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de begraafplaats verwijderen.

Artikel 6

  • 1

    Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke plechtigheden op de begraafplaats moeten vijf dagen tevoren worden gemeld aan het college van burgemeester en wethouders onder opgave van datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal plaatsvinden.

  • 2

    De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid, moeten zich in het belang van de orde, rust en netheid houden aan de aanwijzingen van de beheerder.

  • Artikel 7. Opgravingen en ruimen

    Het opgraven van lijken en het ruimen van graven is slechts toegestaan indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met deze werkzaamheden zijn belast.

    Hoofdstuk 3. VOORSCHRIFTEN VOOR LIJKBEZORGING

    Artikel 8. Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van het graf

    1. 1

      Degene, die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil doen verstrooien, geeft daarvan uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande aan die waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing zal plaatsvinden, schriftelijk kennis aan het college van burgemeester en wethouders. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag.

    2. 2

      Indien de burgemeester toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur na het overlijden te begraven, moet de kennisgeving aan het college van burgemeester en wethouders zo tijdig mogelijk worden gedaan met inachtneming van artikel 11, eerste lid

    3. 3

      Het lijk, dan wel het omhulsel en de asbus of urn moeten zijn voorzien van een duurzaam identiteitskenmerk. De gegevens van het kenmerk moeten overeenstemmen met de administratie van de begraafplaats.

    4. 4

      Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as, en het daarna sluiten van een graf, alsmede het bedienen van de hulpmiddelen mogen uitsluitend geschieden door het personeel van de begraafplaats op aanwijzingen en onder toezicht van de beheerder.

    Artikel 9. Gebouwen

    Het gebruik van de aula op de begraafplaats moet uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande aan de dag waarop van de aula gebruik zal worden gemaakt, worden aangevraagd bij het college van burgemeester en wethouders.

    Artikel 10. Over te leggen stukken

    1. 1

      Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof tot begraven is overgelegd aan de beheerder.

    2. 2

      Bijzetting van een asbus met of zonder urn in een eigen urnengraf of eigen urnennis dan wel het verstrooien van as mag slechts geschieden indien tevoren een bewijs van toestemming tot die handeling is overgelegd aan de beheerder.

    3. 3

      Indien de begraving of de bijzetting van een asbus met of zonder urn in een eigen graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd, ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet.

    4. 4

      De beheerder onderzoekt de genoegzaamheid van de overgelegde stukken.

    Artikel 11. Tijden van begraven en asbezorging

    1. 1

      Het is verboden te begraven, of as te bezorgen buiten het tijdvak van 09.00 uur tot 16.00 uur en op zon- en erkende feestdagen.

    2. 2

      Het college van burgemeester en wethouders besluit hoeveel tijdsruimte er minimaal tussen twee begravingen en/of twee asbezorgingen moet zijn.

    3. 3

      Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere gevallen afwijkingen van het tweede lid toestaan.

    Hoofdstuk 4. INDELING EN UITGIFTE VAN DE GRAVEN

    Artikel 12. Indeling graven en asbezorging

    1. 1

      Op de begraafplaatsen kunnen worden uitgegeven eigen graven.

    2. 2

      Op de begraafplaats Nunspeet-West kunnen daarnaast worden uitgegeven:- eigen urnengraven;- eigen urnennissen;- eigen gedenkteken op de gedenkplaats;- het recht as te verstrooien.

    3. 3

      Het college van burgemeester en wethouders bepaalt bij nader vast te stellen regels hoeveel lijken en hoeveel asbussen met of zonder urnen er kunnen worden bijgezet in de eigen graven. Zij bepaalt tevens de afmetingen van de eigen graven en de eigen urnengraven.

    Artikel 13. Aantal overledenen in algemene graven

    In de algemene graven kan een door het college van burgemeester en wethouders te bepalen aantal lijken worden begraven. Zij bepaalt tevens de afmeting van de algemene graven.

    Artikel 14. Volgorde van uitgifte

    1. 1

      De eigen graven worden slechts voor directe begraving en in volgorde van ligging uitgegeven.

    2. 2

      Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere omstandigheden een eigen graf toewijzen buiten de volgorde van uitgifte, indien dit wegens de situatie op de begraafplaatsen niet bezwaarlijk is.

    Artikel 15. Categorieën

    Het college van burgemeester en wethouders kan bij nader vast te stellen regels de algemene en eigen graven onderverdelen in categorieën. Zij bepalen voor de verschillende categorieën de situering en oppervlakte.

    Artikel 16. Termijnen eigen graven/eigen urnen graven

    1. 1

      Het college van burgemeester en wethouders verleent, als de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats(en) dit toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk In te dienen aanvraag, voor de tijd van dertig jaar het recht op een eigen graf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het eigen graf is uitgegeven.

    2. 2

      In afwijking van het eerste lid verleent het college van burgemeester en wethouders op een daartoe schriftelijk in te dienen aanvraag voor de tijd van vijf jaar het recht op een eigen urnennis. De termijn begint te lopen op de datum waarop de eigen urnennis is uitgegeven en kan maximaal vijfmaal met een termijn van vijf jaar worden verlengd, mits de aanvraag daartoe v66r het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend.

    3. 3

      Binnen een jaar na beeindiging van het recht als bedoeld in het tweede lid, wordt door de rechthebbende aan de in de eigen urnennis geplaatste urn een andere bestemming gegeven. Na afloop van dit jaar kunnen burgemeester en wethouders de urn verwijderen uit de urnennis en daaraan een jaar na de verwijdering een definitieve bestemming geven door middel van verstrooiing van de as. De verwijdering vindt niet eerder plaats dan het moment waarop de rechthebbende tijdig en behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden ingelicht over het voornemen tot verwijdering. Ingeval de rechten bedoeld in het tweede lid verlengd zijn tot maximaal dertig jaar vindt geen verwijdering plaats.

    4. 4

      Een recht als bedoeld in dit artikel, kan slechts aan een rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf en voor de personen genoemd in artikel 18, eerste lid.

    Artikel 16a. Begraving of bijzetting na verstrijken termijn van recht op eigen graf

    Na het verstrijken van de termijnen als bedoeld in artikel 16 eerste en tweede lid is een tweede of derde begraving van een lijk of bijzetting van een bus met as, van echtgenoot of partner of een persoon die een eerste of tweede graad van bleed- of aanverwantschap heeft met de al eerder begraven of bijgezette persoon, mogelijk.

    Artikel 17. Grafkelder

    Het college van burgemeester en wethouders kan aan de rechthebbende op een eigen graf vergunning verlenen tot het daarin voor eigen rekening doen aanbrengen van een grafkelder overeenkomstig de door hen te stellen voorwaarden.

    Artikel 18. Overschrijving van verleende rechten

    1. 1

      Het recht op een eigen graf kan op aanvraag van de rechthebbende worden overgeschreven ten name van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloedverwant of aanverwant tot en met de derde graad. Overschrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van een ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.

    2. 2

      Na het overlijden van de rechthebbende kan het eigen graf worden overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, mits de aanvraag hiertoe wordt gedaan binnen drie jaar na het overlijden van de rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan de in de vorige zin bedoelde personen is slechts mogelijkindien daarvoor gewichtige redenen bestaan.

    3. 3

      Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot overschrijving aan het college van burgemeester en wethouders niet wordt gedaan binnen de in het tweede lid van dit artikel gestelde termijn, is het college van burgemeester en wethouders bevoegd het recht op het eigen graf te doen vervallen.

    4. 4

      Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van drie jaar kan het college van burgemeester en wethouders het eigen graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende.

    Artikel 19. Afstand doen van graven

    Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de rechthebbende schriftelijk afstand doen ten behoeve van de gemeente van het recht op het eigen graf. Van de ontvangst van zodanige verklaring doet het college van burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling aan de recht-hebbende.

    Artikel 20. Sluiting van graven

    1. 1

      Op aanvraag van de rechthebbende kan het college van burgemeester en wethouders een graf gesloten verklaren. Gedurende de tijd dat een graf gesloten is, mag daarop geen andere grafbedekking worden geplaatst en mag daarin geen andere begraving plaatshebben, of asbus worden bijgezet, dan die van de stoffelijke overschotten van de personen die de rechthebbende in zijnaanvraag met name heeft genoemd.

    2. 2

      Het college van burgemeester en wethouders bepaalt in overleg met de rechthebbende de periode waarvoor de in het eerste lid bedoelde sluiting zal geschieden. Zij stellen de bijzondere voorwaarden vast, waaraan moet zijn voldaan alvorens het graf gesloten wordt verklaard.

    Hoofdstuk 5. GRAFBEDEKKINGEN

    Artikel 21. Vergunning grafbedekking

    1. 1

      Voor het hebben van een grafbedekking is de schriftelijke vergunning nodig van het college van burgemeester en wethouders.

    2. 2

      Omtrent de wijze van aanvraag van de vergunning, de aard en de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen kan het college van burgemeester en wethouders nadere regels vaststellen.

    3. 3

      Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen van de door hen vastgestelde nadere regels.

    4. 4

      Het college van burgemeester en wethouders kan de vergunning weigeren indien:a. niet voldaan wordt aan de door hen vastgestelde nadere regels;b. de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats;c. de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is;d. de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk is

    5. 5

      Ingeval artikel 16a van toepassing is kan het college van burgemeester en wethouders vergunning verlenen tot vernieuwing of wijziging van de grafbedekking.

      Vastgesteld in de openbare vergadering van 31 maart 2016

    Artikel 22. Nieuw Artikel

    De vergunninghouder is verplicht te gedogen, dat de zich op het graf bevindende voorwerpen door of vanwege de gemeente worden weggenomen of verplaatst voorzover en voor zolang zulks nodig is in verband met de begraving van lijken of bijzetting van asbussen met of zonder urnen in de nabijheid of om andere dringende redenen.

    Artikel 23. Grafbeplanting

    Niet-blijvende beplantingen op een graf die in een verwaarloosde staat verkeren, kunnen door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak kan worden gemaakt op schadevergoeding. Losse bloemen, planten, kransen en dergelijke kunnen, wanneer zij verwelkt zijn, door de beheerder worden verwijderd. Winterharde beplanting mag bij volle wasdom de voor het graf beschikbare oppervlakte niet overschrijden of moeten door besnoeiing binnen de oppervlakte kunnen worden gehouden.Deze besnoeiing kan door de beheerder worden uitgevoerd.

    Artikel 24. Verwijdering grafbedekking

    1. 1

      De grafbedekking kan na het verstrijken van de graftermijn door het college van burgemeester en wethouders worden verwijderd.

    2. 2

      Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking wordt gedurende ten minste een jaar, voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd, door op een graf te plaatsen bordje door het college van burgemeester en wethouders bekendgemaakt, tenzij het adres van de rechthebbende bij het college van burgemeester en wethouders bekend is. In dat geval maken zij aan hem uiterlijk twaalf weken voor het genoemd tijdstip per brief hun voornemen bekend.

    3. 3

      De rechthebbende kan gedurende de in het 2e lid genoemde termijn het college schriftelijk verzoeken de grafbedekking aan hem ter beschikking te stellen.

    Artikel 25. Onderhoud door de rechthebbende

    1. 1

      De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen.

    2. 2

      Indien het onderhoud, als bedoeld in lid 1, niet behoorlijk plaatsvindt, geschiedt zulks van gemeentewege op kosten van rechthebbende; het vorenstaande vindt eerst plaats nadat rechthebbende binnen de in de bekendmaking te stellen termijn in de gelegenheid is gesteld alsnog in het onderhoud te voorzien.

    3. 3

      Indien hij nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kan het college van burgemeester en wethouders de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen.

    4. 4

      De verwijdering vindt niet plaats dan nadat de rechthebbende behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden ingelicht over de toestand van de grafbedekking. De oproeping geschiedt door mededeling op het mededelingenbord op de begraafplaats als het adres van de rechthebbende niet bekend is. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling aangebracht.

    Artikel 26. Onderhoud door de gemeente

    1. 1

      Het onderhoud van de grafbedekking kan geschieden door de gemeente, mits bij aanvaarding de grafbedekking in goede staat verkeert, zulks tegen een vergoeding van de rechten als omschreven in de Verordening op de heffing en invordering van begraafrecht in de gemeente Nunspeet.

    2. 2

      Het college van burgemeester en wethouders kan besluiten dat tegen betaling van een bedrag, nader in de Verordening op de heffing en invordering van begraafrecht in de gemeente Nunspeet bepaald, een rechthebbende van het graf het jaarlijks te betalen onderhoudsrecht afkoopt door storting ineens.

    3. 3

      Onder het onderhoud van de grafbedekking wordt verstaan het schoonhouden en het na verzakking opnieuw stellen van het gedenkteken, het eenmaal per jaar reinigen van het gedenkteken en de zorg voor de winterharde beplantingen.

    Hoofdstuk 6. OPGRAVING

    Artikel 27. Nieuw Artikel

    1. 1

      De rechthebbende op een eigen graf, kan bij het college van burgemeester en wethouders een aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weer in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een eigen urnengraf of urnennis kan bij het college van burgemeester en wethouders een aanvraagindienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij te zetten, of om de as te doen verstrooien.

    2. 2

      Het in het eerste lid genoemde verzoek wordt ingewilligd indien in het desbetreffende graf een persoon is begraven of is bijgezet, die een bloedverwantschap in de eerste graad heeft met de rechthebbende, of die gehuwd is geweest met de rechthebbende of indien van toepassing de nieuwe echtgeno(o)t(e) of partner van de rechthebbende.

    Hoofdstuk 7. INSTANDHOUDEN HISTORISCHE GRAVEN EN OPVALLENDE GRAFBEDEKKING

    Artikel 28. Lijst

    Het college van burgemeester en wethouders houdt een lijst bij van graven die van historische betekeniszijn of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit heeft.

    Hoofdstuk 8. INRICHTING REGISTER

    Artikel 29. Voorschriften

    1. 1

      Het college van burgemeester en wethouders stelt voorschriften vast voor het register van de begraven lijken en de bezorgde as.

    2. 2

      Het register wordt bijgehouden door het college van burgemeester en wethouders.

    Hoofdstuk 9. SLOTBEPALINGEN

    Artikel 30. Overgangsbepaling

    De rechten en verplichtingen met betrekking tot eigen graven die voortvloeien uit de ingevolge artikel32 ingetrokken verordening, worden geacht ingevolge deze verordening te zijn ontstaan.

    Artikel 31. Strafbepaling

    1. 1

      Voorzover overtreding van een bij of krachtens deze verordening gegeven voorschrift niet afzonderlijk in de Wet op de lijkbezorging strafbaar is gesteld, wordt overtreding daarvan gestraft met een geldboete van de eerste categorie.

    2. 2

      Overtreding van enige bepaling van deze verordening kan voorts worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak.

    Artikel 32. Inwerkingtreding

    Deze verordening treedt in werking op 1 januari 1998, met ingang van welke datum de Beheers-verordeningalgemene begraafplaatsen van 24 februari 1994 vervalt.

    Artikel 33. Citeertitel

    Deze verordening kan worden aangehaald als Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet.

    Sluiting

    Vastgesteld in de openbare vergaderingvan 30 oktober 1997,

    de secretaris, de voorzitter,

    Wijziging, vastgesteld in de openbare vergadering van 30 mei 2002, artikel 16 vervangen.

    Inwerkingtreding 01 juli 2002.

    Toelichting 1. TOELICHTING OP DE BEHEERSVERORDENING BEGRAAFPLAATSEN GEMEENTE NUNSPEET

    Artikel 1 - BegripsomschrijvingenDe begripsomschrijvingen spreken voor zich. Aangetekend wordt dat onder de begripsomschrijvingvan een eigen graf ook een ornament wordt verstaan.Artikel 2 - Uitbreiding begrip eigen grafVoor een eigen graf, eigen urnengraf, eigen urnennis en een gedenkteken op de gedenkplaats geldenvrijwel dezelfde rechten en plichten.Artikel 3 - BestemmingDe begraafplaatsen zijn bestemd voor personen die laatstelijk hun woonplaats in de gemeente Nunspeethebben gehad. Op grond van het tweede lid kunnen overledenen die een historische en emotio-nelebinding hebben met Nunspeet toch hier begraven worden.Artikel 4 - Openstelling begraafplaatsenDit artikel is opgenomen met het oog op strafbaarstelling van personen die zich op de begraaf-plaatsbevinden buiten de uren van openstelling voor bezoekers.Artikel 5 - OrdemaatregelenSteenhouwers en hoveniers moeten zich er steeds van bewust zijn dat hun werkzaamheden storendkunnen zijn voor rouwende nabestaanden en tijdens uitvaartplechtigheden. De in het eerste lid bedoeldetoestemming is gemandateerd aan de beheerder. De bevoegdheid van de beheerder ompersonen weg te sturen als zij zich niet aan zijn aanwijzingen houden en de verbodsbepalingen biedenvoldoende mogelijkheden om tegen ongewenste activiteiten op te kunnen treden.Artikel 6 - Herdenkingen en plechtighedenMet dit artikel wordt beoogd plechtigheden ordelijk te laten verlopen. Door te eisen dat de mededelingvijf dagen vooraf moet plaatshebben, kan worden voorkomen dat de plechtigheid samenvalt meteen begrafenis. Een begrafenis moet uiterlijk op de vijfde dag na overlijden geschieden.Artikel 7 - Opgravingen en ruimenDe aard van de werkzaamheden bij het opgraven en ruimen van graven brengt met zich mee dat hetbezwaarlijk is om toe te staan dat anderen hierbij aanwezig zijn.Artikel 8 - Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van het grafEen schriftelijke kennisgeving is nodig omdat duidelijk vast moet liggen welke voorziening er wordtgevraagd. Het personeel van de begraafplaats weet alsdan wat van hen verwacht wordt. Zij zijn omredenen van veiligheid belast met het openen en sluiten van graven. In bijzondere gevallen kan hetzich voordoen dat de burgemeester toestemming heeft gegeven een lijk binnen 36 uur te begraven.Sommige nabestaanden vragen om deze toestemming om godsdienstige redenen. Daarnaast kanspoed geboden zijn in geval van lijkvinding.Artikel 9 - GebouwenDat het gebruik van de aula dient te worden aangevraagd spreekt voor zich.Artikel 10 - Over te leggen stukkenDe wet eist dat er een verlof tot begraven aanwezig is, afgegeven door de ambtenaar van de burgerlijkestand. Ook voor de asbezorging dient vooraf toestemming te worden verleend. Indien niet aande wettelijke eisen is voldaan dan wel de noodzakelijke toestemming ontbreekt, heeft de beheerderde bevoegdheid medewerking aan de lijkbezorging te weigeren.Artikel 11 - Tijden van begraven en asbezorgingDe wet verplicht tot de mogelijkheid van begraven op ieder dag gedurende een bij gemeentelijkeverordening te bepalen tijd. De verplichting geldt niet op zondag en op algemeen erkende feest-dagen,zodat op deze dagen het verbod geldt.Artikel 12 - Indeling graven en asbezorgingMet uitzondering van de begraafplaats Eperweg 22 kunnen op algemene begraafplaatsen eigengraven worden uitgegeven. De begraafplaats Nunspeet-West kent daarnaast verschillende anderesoorten van voorzieningen. In een eigen graf kunnen normaliter 2 lijken worden begraven dan wel 2urnen worden bijgezet. In een aantal graven is het vanwege de ligging mogelijk drie lijken te begraven.Het college kan hiervoor ontheffing verlenen.Artikel 13 - Aantal overledenen in algemene gravenHet karakter van een algemeen graf is dat geen uitsluitend recht wordt uitgegeven. Algemene gravenzijn onder meer nodig als niemand in de lijkbezorging voorziet. De burgemeester moet dan deze taakop zich nemen. Een algemeen graf is ook beschikbaar als nabestaanden dat wensen. In een algemeengraf worden twee lijken begraven. Op een algemeen graf kan geen gedenkteken worden geplaatst.Artikel 14 - Volgorde van uitgifteEen graf zal alleen buiten de volgorde van ligging worden toegewezen als dit niet bezwaarlijk is voorde situatie op de begraafplaats. Hierbij kan worden gedacht aan de gesteldheid van de bodem enaan het aanzien van de begraafplaats.Artikel 15 - CategorieënOp de begraafplaatsen is een apart gedeelte aangewezen voor eigen graven en eigen grafkelders.Er wordt geen onderscheid gemaakt in klassen. Op de begraafplaats Eperweg 51 en Nunspeet-Westis een RK-gedeelte aangewezen. Op de begraafplaats Nunspeet-West zijn mogelijkheden voor '3diep'graven. Op de begraafplaatsen zijn geen kindergraven aangewezen. In voorkomende gevallenwordt dan gekozen voor een '3 diep'graf.Artikel 16 - Termijnen eigen graven. Het recht op een eigen graf wordt verieend door een beschikking van het college van burgemeester en wethouders. Hierin wordt d e aanvrager het uitsluitend recht gegeven om lijken in een bepaald graf te doen begraven. Het recht op een eigen graf bedraagt dertig jaar en begint te lopen op de datum waarop het eigen graf is uitgegeven. Dus niet op het moment van eerste begraving. Ten aanzien van de uitgifte van eigen urnengraven, urnennissen en gedenktekens op de gedenkplaats wordt dezelfde uitgiftetermijn gehanteerd. Voor urnennissen is het daarnaast mogelijk om deze voor een periode van vijf jaar, die maximaal vijfmaal verlengd kan worden, uit te geven. Na vervai van het grafrecht, uitgegeven voor de maximale periode van dertig jaar wordt de urnennis niet geruimd. De mogelijkheid van verlenging van grafrecht met telkens tien jaar is met de vaststeliing van deze wijzigingsverordening komen te vervallen. Artikel 16a - Begraving of bijzetting na verstrijken termijn van recht op eigen graf. In dit artikel wordt geregeld dat na verval van grafrechten het mogelijk blijft in het betreffende graf nog een tweede of derde bijzetting te doen van een echtgenoot of partner of een persoon die een eerste of tweede graad van bloed- of aanverwantschap heeft met de al eerder begraven of bijgezette persoon. Artikel 17 - GrafkelderIn dit artikel is geregeld dat het de rechthebbende op een eigen graf is toegestaan een grafkelderaan te brengen.Artikel 18 - Overschrijving van verleende rechtenHet is gewenst dat na het overlijden van een rechthebbende een nieuwe rechthebbende wordt aangewezendie de verantwoordelijkheid voor de grafruimte en de daaraan verbonden kosten voor zijnrekening neemt. Tot aanwijzing van een nieuwe rechthebbende kunnen alleen personen bevoegdworden geacht die belang hebben bij het graf. Dit zijn in de eerste plaats bloed- en aanverwanten,genoemd in het eerste lid van dit artikel. De ervaring heeft geleerd dat het gewenst is om slechts éénpersoon als rechthebbende te doen aanwijzen.Artikel 19 - Afstand doen van gravenDit artikel is opgenomen om buiten twijfel te stellen dat rechthebbende afstand van het graf kandoen.Artikel 20 - Sluiting van gravenEr kunnen burgers zijn die behoefte hebben aan een graf voor lange tijd. Voor hen biedt de regelingdat men telkenmale bij het verstrijken van de termijnen om verlenging kan vragen geen bruikbareoplossing. Om aan dit bezwaar tegemoet te komen, biedt dit artikel de mogelijkheid een graf geslotente verklaren. Bij het sluiten van een graf wordt in een overeenkomst met de aanvrager de prijsvastgesteld en de rechten en plichten tussen hem en de gemeente geregeld. De prijs zal zodanigmoeten worden vastgesteld dat de gemeente in de toekomst geen geldelijk risico ondervindt.Artikel 21 - Vergunning grafbedekking. De vergunningseis geidt voor de grafbedekkingen eigen graven. De grafbedekking zai op punten als vormgeving, constructie en materiaalkeuze aan bepaalde minimum eisen moeten voldoen. De vergunningseis omvat mede het gedenkteken. Ingeval artikel 16a van toepassing is dan kan ook vergunning verieend worden voor vernieuwing van of wijziging van de grafbedekking. Artikel 22 - GedoogbepalingHet spreekt voor zich dat de grafbedekking wordt weggenomen dan wel wordt verplaatst indien ditnoodzakelijk geacht wordt ten behoeve van begraving of bijzetting in de nabijheid.Artikel 23 - GrafbeplantingIn de dagelijkse praktijk komt het voor dat moeilijkheden ontstaan over verwijderde bloemen en eenjarigeplanten. De beheerder kan zonder meer overgaan tot verwijdering van deze beplantingen.Daarnaast is hij gerechtigd winterharde beplantingen te snoeien.Artikel 24 - Verwijdering grafbedekkingDe mededeling dat het college voornemens is om de grafbedekking te verwijderen, wordt ten minsteeen jaar van tevoren gedaan, zowel aan de rechthebbende op een graf als aan degene die koos vooreen grafbedekking op een algemeen graf. Deze mededeling geschiedt door het plaatsen van eenbordje bij het graf tenzij de rechthebbende bekend is. De rechthebbende kan verzoeken de graf-bedekkingaan hem ter beschikking te stellen. Een grafmonument is naar zijn aard bestemd om duurzaammet de grond verenigd te zijn. Dit houdt in dat de eigenaar van de begraafplaats (de gemeente)als gevolg van natrekking eigenaar is van het grafmonument. Impliciet is ook gesteld dat de eige-naarvan de begraafplaats eigenaar is van het graf. De eigenaar van de begraafplaats is dan ookaansprakelijk voor gevaar voor personen of zaken indien het grafmonument niet voldoet aan de eisendie men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen.Artikel 25 - Onderhoud door rechthebbendeMede gelet op de aansprakelijkheid van de eigenaar van de begraafplaats dient de rechthebbendede grafbedekking behoorlijk te onderhouden en zo nodig te herstellen. De gemeente kan indien derechthebbende zijn verplichtingen dienaangaande niet nakomt op kosten van de rechthebbende inhet onderhoud voorzien dan wel de grafbedekking verwijderen.Artikel 26 - Onderhoud door de gemeenteHet onderhoud door de gemeente is een zorg met de bedoeling de begraafplaats als geheel eenverzorgd aanzien te geven. Bij de aanvraag om een vergunning voor het hebben van de grafbedekkingkan het onderhoud worden afgekocht. Het onderhoud wordt dan door de gemeente verricht. Inhet derde lid staat omschreven wat onder het onderhoud wordt verstaan.Artikel 27 - OpgravingMet dit artikel is het mogelijk om in incidentele gevallen over te kunnen gaan tot het zogenaamderoeren of schudden van graven. Dit is een bijzondere vorm van ruiming. Het is dan ook mogelijk eenasbus in een ander eigen graf dan een urnengraf of urnennis bij te zetten. Asverstrooiing in een urnengrafwordt gezien de mogelijkheden niet wenselijk en nodig geacht. Wel is asverstrooiing mogelijkin een ander eigen graf dan een urnengraf. Gedacht moet worden aan ouders en hun vooroverledenkind of achterblijvend gehandicapt kind of aan de situatie dat een man of vrouw een tweedehuwelijk is aangegaan.Artikel 28 - LijstBepaalde graven kunnen van betekenis zijn, hetzij door de overledene die er begraven ligt, hetzijdoor het gedenkteken. De overledene kan voor de plaatselijke gemeenschap van grote betekeniszijn geweest zodat de naam ook bij volgende generaties bekend is. Het gedenkteken kan opvallendoor zijn vormgeving en door het materiaal.Artikel 29 - RegisterHet spreekt voor zich dat een register voor het begraven van lijken en de asbezorging aan be-paaldevoorschriften dient te voldoen.